De mijter van sinterklaas

In Antwerpen en Amsterdam is rumoer ontstaan, omdat aldaar de sint bij zijn intocht geen kruis meer op zijn hoofddeksel heeft, een christelijk symbool dat onlosmakelijk met zijn bisschopswaardigheid verbonden is. Kennelijk passen herinneringen aan zijn christelijke oorsprong niet meer in deze multiculturele samenleving, die gekenmerkt wordt door vele geloven naast het christendom. Er zijn in beide steden protestgroepjes gevormd die tegen deze ontwikkeling hun stem verheffen. We mogen toch laten zien dat we een van oorsprong christelijke beschaving zijn! Doen wij er goed aan ons bij deze tegenbeweging aan te sluiten?

Om die vraag te beantwoorden, verdiepen wij ons eerst eens in het fenomeen sinterklaas. Dat zijn komst en verjaardag ook door protestanten in bijna de volle breedte wordt gevierd, is eigenlijk een blijk van verwatering van hun principes. Sinterklaas werd na de reformatie in Nederland door hen die het kerkelijke gezag vertegenwoordigden gezien als een Rooms feest waar je je als hervormd of gereformeerd kerklid verre van moest houden. Of het kerkvolk zich veel van deze afkeuring heeft aangetrokken, vraag ik mij af.

Goed, sinterklaas is dus van origine Roomse folklore. Ik probeer me daar even in te verplaatsen. In de Roomse beleving is de persoon van de bisschop een serieuze figuur. Hij is de opziener die door Christus is aangesteld om zijn kerk op aarde te leiden. Toch verdroeg de Roomse spiritualiteit de schertsfiguur van een als oude bisschop verklede leek, inclusief mijter en herdersstaf, die de ouders steunde in de opvoeding van hun kinderen tot deugdzaamheid. Er kon een balans worden gecreëerd tussen ernst en spel; eerbied met een knipoog. Dat is op zich een interessant gegeven, deze geestige spiritualiteit, of spirituele humor.

Er zullen echter niet veel mensen meer zijn die deze Roomse evenwichtskunst nog steeds verstaan. Het geloof en de bisschop spelen ook voor velen die tot de Rooms-katholieke kerk behoren nog maar een marginale rol. Sinterklaas wordt niet of nauwelijks meer in verband gebracht met het kerkelijke gezag. Bij mij was dat niet anders, toen ik als christelijk en gereformeerd jongetje vertrouwd werd gemaakt met zijn optreden. Toen ik voor het eerst op de televisie beelden van het Sint Pietersplein te Rome zag, waar een plechtigheid met vele bisschoppen uit de hele wereld werd gehouden, verbaasde ik me over het grote aantal sinterklazen zonder baard.

Ik kan me voorstellen dat de mensen die sinterklaas nog steeds waarderen als quasieserieuze variant van de Roomse bisschoppen er moeite mee hebben dat zijn christelijke identeit wordt verdonkeremaand. Zelf behoor ik niet tot hen. Ik neem waar dat de sinterklaasvieringen vroeger uitermate moraliserend waren, getuige de klassieke sinterklaasversjes (‘Wie zoet is krijgt lekkers, wie stout is de roe’), en dat ze tegenwoordig verregaand zijn vercommercialiseerd. Het enige dat voor de sint pleit is zijn bijdrage aan de gezelligheid. In ieder geval is sinterklaas volstrekt geseculariseerd.

Past het om ervoor te ijveren deze inmiddels totaal ongodsdienstige figuur te blijven tooien met een kruis? Als ik nadenk over de implicaties van het kruis voor Christus en voor zijn volgelingen, denk ik van niet. Dat zijn de implicaties van onschuldig lijden en de verzoening van onze zonden. Als stille herinnering aan het verleden kan het symbool op de mijter geen kwaad, maar als actiepunt om sints christelijke karakter te handhaven is het misplaatst.

Wist u trouwens dat de Roomse bisschoppen helemaal niet standaard een kruis op hun mijter hebben?

Dit bericht is geplaatst in Logboek. Bookmark de permalink.