Nogmaals: Tien geboden in coronatijd

You ‘ll never walk alone.
Je hoeft nooit alleen te gaan.
In deze tijd van isolement is het goed te beseffen dat je er niet alleen voor staat.

Dan is het belangrijk dat je God aan je zijde weet.
Laat Hij daarom de belangrijkste zijn aan wie je je toevertrouwt. Er is geen ander zoals Hij. Hij bevrijdt.
En maak van Hem geen levenloos beeld.
Als je een beeld van Hem maakt, kun je niet samen met Hem gaan,
dan moet je met Hem sjouwen.
Een onbewogen beeld geeft je geen inspiratie, maar maakt je moe.
Respecteer Hem om wie Hij is door zijn naam met eerbied te gebruiken. Zo kun je Hem onderweg aanspreken en met Hem in gesprek gaan.
En rust regelmatig uit om met Hem op verhaal te komen. Iedere week een dag. God rustte ook op de zevende dag.

Om te kunnen beseffen dat je er niet alleen voor staat, is het ook belangrijk dat anderen weten wat ze aan je hebben:
dat je je in je familie voegt en je ouders eert;
dat je niemand ongelukkig wenst, maar wilt bijdragen aan ieders welzijn;
dat je betrouwbaar bent in je relatie;
dat andermans bezit bij jou veilig is;
dat je een ander achter diens rug niet zwart maakt;
en dat je niet lelijk en onaantrekkelijk wordt door jaloezie.

Je hoeft er niet alleen doorheen.
Je hebt God, je hebt je medemensen, wellicht je familie, je geloofsgenoten,
als je hun tenminste zelf een warm hart toedraagt.
Je zult het steeds weer ervaren:
You ‘ll never walk alone.

Geplaatst in Geen categorie | Getagged , | Een reactie plaatsen

Lange adem of ademnood?

Het scenario van de overheid is erop gericht het coronavirus gecontroleerd te bestrijden. Dat betekent dat 40 tot 50% van de bevolking met het virus besmet moet worden om zo een groepsimmuniteit te ontwikkelen die verdere verspreiding tegengaat. Dat is een zaak van een lange adem. Gaat dit lukken, of raken we in ademnood? Dat wil zeggen: niet alleen de ernstige patiënten, maar wij allemaal. Hieronder wil ik een beeld oproepen van wat ons te wachten staat.

Laten we ervan uitgaan dat dit proces één jaar duurt, en dat tegen die tijd er wel een vaccin op de markt is. Dat betekent dat in dat jaar 45% van 17 miljoen = 7,5 miljoen mensen besmet worden. Daarvan overlijdt 1%, zo horen we van deskundigen. Dat zijn 75.000 personen. Dat betekent dat een jaar lang per week gemiddeld 1500 personen overlijden aan het virus. De in totaal 34 sterfgevallen tot gisteren zijn daarmee vergeleken maar een schijntje. Is dat echt waar de regering rekening mee houdt? Dat kan toch niet waar zijn! Maar stel dat die 1% een slag in de lucht is, en dat het in werkelijkheid om 0,5% zou gaan, dan nog zijn we nog lang niet aan het gemiddelde en hebben we nog een lange, lange weg te gaan.

Wat betekent dit voor Nederland? Op dit moment drijft de bevolking op haar overlevingsinstinct. Dat zie je aan alle kanten. Angstgedrag stoomt uit de oren. Velen kiezen voor een vrijwillig isolement. Tot hen wil ik zeggen: laten de sterftecijfers die ons te wachten staan je niet tot wanhoop en paniekreacties leiden. Het hoort bij het scenario. Dit alles móet geschieden.

Maar er is nog iets. De kinderen lopen thuis, er moet thuis gewerkt worden, ondanks de herrie die zij veroorzaken, gezellige ontmoetingsplekken zijn gesloten, vitale levensbehoeften zijn niet te krijgen (mondkapjes, ontsmettingsmiddelen). Sommige mensen raken overwerkt, anderen weten van verveling niet meer waar ze het moeten zoeken. Het beleid van de regering gaat protest oproepen. Heeft ze het nog wel in de hand? Uitzichtloosheid gaat de sfeer bepalen. En de economie raakt uitgeput. Langzaamaan maken frustratie en irritatie zich breed, zegt mijn voorgevoel.

Ook hierin is het belangrijk ons te realiseren dat ons dit is aangezegd: het wordt langdurig en moeilijk. Het is niets vreemds dat ons overkomt. Het is beter dat wij ons dit vanaf het begin realiseren. Dan kunnen we ons erop instellen. Spontane solidariteitsacties, zoals bloemen en eten brengen aan zorgverleners en voor hen applaudisseren in de straat, zijn hartverwarmend. Een interkerkelijke gebedsdag en simultaan klokkengelui accentueren de onderlinge verbondenheid. Maar houden we met elkaar deze saamhorigheid ook vast? Het is van belang dat we ons instellen op een taaie toekomst. Hoe verwachtingsvol en opgewekt zal christelijk Nederland zijn, wanneer de moeilijkheden erg lang gaan duren?

De apocalyptische bemoedigingen van onze Heer in Matteüs 24 en het boek Openbaring worden op een verrassende manier actueel. Ze mogen ons inspireren. ‘Wie standhoudt tot het einde, zal worden gered. Pas als het goede nieuws over het koninkrijk in de hele wereld wordt verkondigd als getuigenis voor alle volken, zal het einde komen’ (Matteüs 24:13-14); en: ‘Hij die van deze dingen getuigt [dat is Jezus], zegt: “Ja, Ik kom spoedig!” Amen. Kom, Heer Jezus! De genade van onze Heer Jezus zij met u allen’ (Openbaring 22:20-21).

Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Bevrijdende toespraak van Rutte

De boodschap van de premier in zijn toespraak tot het volk was niet gemakkelijk. Een groot deel van onze bevolking, misschien wel de helft, zal besmet raken met het coronavirus. We moeten erop rekenen dat de strijd ertegen lang gaat duren. Zwakkeren, onder wie ouderen, zullen zich lange tijd moeten terugtrekken uit het openbare leven om het risico op besmetting te minimaliseren. De economische schade zal groot zijn. Er zal een grote inzet worden gevraagd van iedereen, met name van zorgverleners.

Toch vond ik de toespraak van Rutte ook bevrijdend. Om me heen begon ik de laatste dagen iets waar te nemen van een dictatuur van de angst. Na een internetdienst afgelopen zondag met ongeveer 20 mensen kregen we als kerkenraad een ontstemde mail van een ons onbekende persoon die onze keuze onverantwoord vond, hoewel die ruimschoots binnen het dringend geadviseerde maximum van 100 personen bleef. De burgemeester van Gouda gaf na de verklaring zondag dat de horeca en de scholen gesloten zouden worden als advies aan zijn lieve Gouwenaars:: ‘Ga alleen uit huis als het echt moet.’ Er begon een klimaat te ontstaan waarin het je steeds meer kwalijk werd genomen als je sociale activiteiten ging ontplooien die met fysieke nabijheid gepaard gingen. De angst leek steeds meer te dicteren dat Nederland op slot moet.

En nu zegt de minister-president: Nederland hoeft niet op slot! Dat is niet alleen onmogelijk, het is ook onwenselijk. Het dient juist een goed doel dat grote delen van de bevolking besmet worden. Dan bouwen we daarmee een groepsimmuniteit op waarmee de verspreiding wordt tegengegaan. De meeste besmette mensen zullen slechts in lichte mate aan de ziekte lijden. Zolang er geen vaccin ontwikkeld is, is dit de enige manier om het virus te bestrijden. Alleen moeten we oppassen dat niet te veel mensen tegelijkertijd besmet raken. Dan raken de ziekenhuizen overvol, veel medischehulpverleners zullen uitvallen, en veel echt ernstige gevallen zullen niet kunnen worden behandeld. Het doel van het beleid is niet dat we het virus niet krijgen, maar dat we het niet allemaal tegelijk krijgen. Als het lukt de curve af te vlakken, blijft de gezondheidszorg haar taak aan kunnen. En wanneer het aantal nieuwe gevallen gaat dalen, kunnen de maatregelen wat versoepeld worden. Het gaat wel lang duren, maar de gedachte dat we met rigide keuzes in korte tijd de ziekte de kop kunnen indrukken is een illusie.

Dat maakt de tegenstrijdigheden in ons gedrag ook wat beter verteerbaar. Twintig mensen in een kerk mag wel, maar in een café niet. Zaterdagavond legt een heer in het journaal allerlei maatregelen uit, maar hij zit daar wel met tien mensen in vergadering. Correspondenten van het journaal staan op een meter afstand van hun ondervraagde en houden die de microfoon onder de neus. Mensen verdringen elkaar bij de kassa van de supermarkt. Dat laatste is natuurlijk stijlloos, maar voor de rest stoor ik me er niet zo veel meer aan. Ik mag enigszins ontspannen omgaan met fysieke nabijheid, al moet ik de nodige voorzorg in acht blijven nemen.

Maar stel je voor dat ik niet alleen besmet raak, maar ook ernstige klachten krijgen. Wat blijft er dan van dat bevrijdende gevoel over? Het zou betekenen dat ik mij geen verwijten hoef te maken, als ik binnen de lijnen van het beleid was gebleven. Daarbij besef ik dat ons leven niet in onze eigen hand is. Wij behoren God toe die het leven geeft en ook neemt. Zal ik geen angst kennen? Ik durf het niet te zeggen. Maar ik hoop en bid dat het vertrouwen de overhand zal hebben. De huidige situatie is een extra aansporing voor christenen om zich hun afhankelijke positie in te leven, niet als iets negatiefs, maar als een voorrecht.

Intussen leef ik mee met mensen die problemen aan de luchtwegen hebben en met ouderen. De restrictieve maatregelen die voor hen nodig zijn, maken het leven er niet eenvoudiger op. Ook hen wens ik toe dat zij zich toevertrouwen aan de Heer die de bron van het leven is en die de dood overwon. Bevrijdend inderdaad.

Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , , | Een reactie plaatsen